netjes;U ziet er erg netjes uit. (eng. neat, tidy) het overhemd (-en);Dat overhemd staat u erg professioneel. (eng. shirt) de ervaring (en);Ik heb veel ervaring in deze sector. (eng. experience) de instelling (en);Dat is een goede instelling om nieuwe dingen te leren. (eng. attitude, mindset) lastig;Ik weet niet wat ik moet schrijven, het is lastig. (eng. difficult, tricky) aantrekkelijk;Dat is niet echt aantrekkelijk op een foto. (eng. attractive) verlegen;Wees niet zo verlegen, probeer het gewoon. (eng. shy) trakteren;Geen probleem, vandaag trakteer ik. (eng. to treat, to pay for someone) de portemonnee (s);Ik kan mijn portemonnee nergens vinden. (eng. wallet) schrikken – schrok – geschrokken;Je hebt me echt laten schrikken! (eng. to be startled, to get a fright) verstrooid;Je bent soms ook zo verstrooid. (eng. absent-minded, scatterbrained) ijverig;Ik ben erg ijverig geweest en heb de planten elke dag water gegeven. (eng. diligent, hardworking) zielig;De grote plant ziet er nu erg zielig uit. (eng. pathetic, sad, pitiful) ruilen;Zou het voor u mogelijk zijn om van plaats te ruilen? (eng. to exchange, to swap) de vliegangst;Ik heb helaas een beetje vliegangst. (eng. fear of flying) pittig;Ik hou ervan als het eten een beetje pittig is. (eng. spicy, hot) dringend;We hebben dringend een groot glas melk nodig! (eng. urgently) volwassen;Je bent nooit te oud voor LEGO, ook al ben je volwassen. (eng. adult, grown-up) indrukwekkend;Kyiv is een echt indrukwekkende stad. (eng. impressive) spannend;De nieuwe serie op televisie is echt heel spannend. (eng. exciting, tense, thrilling)